Het onderwerp doet of is dus iets. Drie vragen worden gesteld, dus de drie vragen doen zelf niks. Ze stellen zichzelf niet. Drie vragen is daarom het lijdend voorwerp, dacht ik. Wat wordt er gesteld? Drie vragen. Het werkwoord
hoort dus niet bij drie vragen, maar bij een onbepaalde persoon die de vragen stelt. Maar dan is het nog steeds niet duidelijk of het
moet zijn. Via Amber Bindels kwam ik op dit advies terecht:
Wat is juist: de reizigers worden verzocht of de reizigers wordt verzocht?
Het is allebei juist.
De reizigers worden verzocht over te stappen (met het meervoud worden) heeft de oudste rechten. Van Dale gaf nog in zijn tiende druk (1976) aan dat alleen het meervoud in dit soort zinnen juist was. In de elfde druk (1984) staat juist expliciet dat het enkelvoud juist is. De reizigers wordt verzocht over te stappen wordt de laatste tientallen jaren inderdaad door de meeste taalgebruikers gezien als de beste vorm.
Aan de reizigers wordt verzocht/opgedragen
De voorstanders van 'De reizigers wordt verzocht over te stappen' ontleden de constructie als volgt: 'aan de reizigers wordt iets verzocht, namelijk: over te stappen'.
Over te stappen is het
onderwerp dat de
persoonsvorm wordt bepaalt, en
de reizigers is het
meewerkend voorwerp: 'Over te stappen wordt
aan de reizigers verzocht.'
Verzoeken wordt dan net zo gebruikt als
opdragen: 'Over te stappen wordt
aan de reizigers opgedragen.' Volgens deze redenering zou een zin als 'Men wordt verzocht hier over te stappen' eigenlijk 'fout' zijn, want je kunt niet iets 'aan men' verzoeken/opdragen.
De reizigers worden verzocht/uitgenodigd
Voorstanders van 'De reizigers worden verzocht over te stappen' zien reizigers als onderwerp. Dat is niets nieuws verzoeken werd namelijk oorspronkelijk net zo gebruikt als 'uitnodigen'. Net zoals 'De reizigers worden uitgenodigd over te stappen' is 'De reizigers worden verzocht over te stappen' juist. De voorstanders van de reizigers worden verzocht wijzen er dan ook op dat een zin als 'Men wordt verzocht hier over te stappen' niet voor niets goed lijkt; hij ís namelijk goed: men is 'gewoon' onderwerp.
U kunt zelf kiezen of u verzoeken het liefst op dezelfde manier gebruikt als uitnodigen (dan ligt de reizigers worden verzocht voor de hand), of dat u verzoeken liever net zo gebruikt alsopdragen (dan ligt de reizigers wordt verzocht voor de hand). Het is allebei goed. Nogmaals: inmiddels wordt dat laatste door een meerderheid als de beste vorm beschouwd.
Hier gaat het weer over wat het onderwerp is. Dus ik bleef verward achter. Uiteindelijk heb ik maar de zin gebruikt die werd aangedragen door Max: hun wordt een drietal vragen gesteld. Of het drietal vragen nou onderwerp is of niet, het zal in dit geval altijd enkelvoud zijn: wordt. Nu nog even checken of het hun of hen is en dan kan ik dit dilemma achter me laten.
- Na een voorzetsel. Bijvoorbeeld: 'Ik geef het boek aan hen'; 'Ik deed het voor hen'; 'Zijn houding jegens hen'; 'Hoe gaat het met hen?'; 'Hij blijft altijd bij hen'; 'De mensen stonden om hen heen'; 'Dankzij hen ben ik op tijd'; 'Wat moet er volgens hen gebeuren?'; 'Ik krijg het van hen.'
- Als lijdend voorwerp. Bijvoorbeeld: 'Ik bekijk hen'; 'Hij ontslaat hen'; 'Zij mijdt hen.' Een goed controlemiddel: als je de zin lijdend maakt (met worden), verandert hen in het onderwerp zij ('Ik bel hen/hun op' - 'Zij worden opgebeld' - dus 'Ik bel hen op').
Gebruik het persoonlijk voornaamwoord
hun als het een meewerkend voorwerp is (ook wel een
indirect object genoemd). Je kunt er dan vaak een voorzetsel bij denken (
aan,
voor, bij,
volgens) of een voorzetselgroep (
met betrekking tot,
ten aanzien van e.d.). Voorbeelden:
- Ik geef hun het boek. (hun = 'aan hen')
- Hij schonk hun een kopje koffie in. (hun = 'voor hen')
- Hij rookt hun te veel. (hun = 'volgens hen, wat hen betreft')
- China is hun te ver. (hun = 'voor hen')
- De tranen stonden/sprongen hun in de ogen. (hun = 'bij hen'
Oke, duidelijk: het is hun! Hun wordt een drietal vragen gesteld.
Maar een drietal schrijf ik nooit en de Volkskrant, waar ik het voor schrijf, gebruikt dat soort worden ook niet vaak. Drietal wilde ik dus toch vermijden. Door wie de vragen worden gesteld (NeVeP) kon er ook niet in, want dat stond al een paar keer in die alinea. Uiteindelijk heb ik er maar voor gekozen om er een citaat van te maken. "Wij stellen hun drie vragen", zegt de ontwikkelaar van het label.
Hè hè, opgelost! Al heb ik helaas nog steeds geen antwoord op mijn oorspronkelijk vraag.
0 reacties:
Een reactie posten